|
Nood aan Copernicaanse revolutie in werken: slimmer werken Gepost op 22-12-2011 door Van Gramberen Mieke |
0 |
| Na 540 dagen onderhandelen ging de nieuwe federale regering pijlsnel van start. Ze heeft hervormingsvoorstellen op tafel gelegd en de discussie over de hervorming van de pensioenen en over de noodzaak om langer werken – zodat de vergrijzing betaalbaar wordt – domineert al een hele week het nieuws. Een nationale staking is het gevolg. De discussie rond deze onderwerpen komt in België later op gang dan in de rest van Europa. Toch is het logisch dat over deze onderwerpen gepraat wordt. Niet alleen vraagt Europa een sterk signaal van ons land,het is ook noodzakelijk om hervormingen door te voeren, gericht op langer werken. De elementen in het debat zijn al jaren bekend. De ene vindt dat mensen langer moeten werken om de pensioenen te kunnen betalen, de andere vindt dat hij recht heeft op het beloofde pensioen waar hij/zij zo lang voor heeft bijgedragen. Hoe moet het nu verder? Voormalig Minister van Pensioenen Frank Vandenbroucke roept op tot een grondig debat over pensioenen. ‘We stoppen relatief vroeg met werken’ klinkt het. ‘We moeten ervoor zorgen dat mensen langer aan het werk kunnen blijven, en daarvoor ook aangemoedigd worden’. Dit brengt ons tot de vraag: voeren we wel het juiste debat? Bij iedereen die werkt, staat het begrip betrokkenheid centraal. Mensen die betrokken zijn, werken liever, werken langer, en leveren betere resultaten. De echte vraag is dus: hoe kan je organisaties uitbouwen waar mensen betrokken zijn en waar die mensen langer (kunnen) werken? Hoe creëer je organisaties, waar het mogelijk is om een jarenlange loopbaan uit te bouwen in een omgeving die steeds complexer en veeleisender wordt? Overheden, werknemers- en werkgeversorganisaties die zich deze vraag stellen en werken aan concrete oplossingen zorgen voor een krachtige arbeidsmarkt die tegen een conjuncturele schommeling kan. De Coalitie, die eind november van start ging, biedt inspiratie en voorbeelden. Het Nieuwe Werken vormt in maar één stukje van de puzzel van het loopbaandebat, maar het is er wel een essentieel onderdeel van. Steeds terugkerende kernthema’s in de bedrijfsverhalen zijn betrokkenheid, een goed evenwicht tussen hoge taakeisen en autonomie (de zogenaamde actieve jobs), vereenvoudige organisatiestructuren en samenwerking. Bedrijven en hun werknemers moeten uit de vaste patronen durven breken. Moeten durven omschakelen van strikt omlijnde functies en uitgestippelde carrières, naar rollen en flexibele loopbanen.Omschakelen van rigide uurroosters, die ons via geblokkeerde wegen naar ons vast kantoor moeten brengen, naar tijd- en plaatsonafhankelijk werken. En bedrijven en werknemers moeten op zoek durven gaan naar een goede balans tussen hoge taakeisen en autonomie. Want het is in dit soort jobs dat men niet alleen minder ziek is, minder verloop vaststelt maar ook een grotere bereidheid vindt om langer te werken. Onze partners doen aan slimmer werken, met kostenbesparingen tot gevolg, een betere balans tussen het werk en privé, een grotere motivatie bij werknemers, en het vrijwillig uitstellen van de pensionering. De leden van de NWOW-Coalitie zijn dienstenbedrijven, maar nieuwe vormen van werken kunnen ook in de industriële sector. BMW anticipeerde op de vergrijzingsgolf en maakte een simulatie aan de band ‘alsof het 2017 was’. Men ging aan de slag met een ploeg met een gemiddelde leeftijd van 47 jaar, met mooie resultaten. Er is één rode draad: door wijziging van de arbeidsorganisatie creëren deze bedrijven een context waarbinnen mensen zich meer betrokken voelen, mensen liever en langer werken, en betere resultaten boeken. Bedrijven die hier slim mee omgaan zullen in een schaarse markt de beste werknemers aantrekken. Dat is meer dan nodig in een arbeidsmarkt waar, tegen 2020, voor elke 10 mensen die stoppen met werken slechts 7 nieuwkomers starten. Het zal een arbeidsmarkt zijn waar binnen afzienbare tijd met vijf verschillende generaties zal worden gewerkt op de werkvloer. Is er geen rol voor overheden, werknemers- en werkgeversorganisaties om deze nieuwe, slimme vorm van werken te promoten? De Nederlandse Minister van Infrastructuur Melanie Schultz Van Haegen besliste vorige week alvast om 77 miljoen euro vrij te maken voor het invoeren van het Nieuwe Werken in KMO’s. Daar heeft men begrepen dat het Nieuwe Werken een antwoord biedt op de noden van een moderne arbeidsmarkt in een concurrentiële, geglobaliseerde wereld, waar mensen steeds meer onder druk staan. Is het geen tijd voor een breder debat over werken in de toekomst? Is het geen tijd om ervoor zorgen dat iedereen graag werkt, ook als het wat langer moet? Is het tijd voor een Copernicaanse revolutie? Bent u al overtuigd? Ontdek dan hoe het anders kan, leer van anderen of deel uw ervaring. Word fan en werk actief mee aan het Nieuwe Werken in België op www.slim-werken.be. Deze website is het open platform van de Coalitie van het Nieuwe Werken, die eind november werd opgericht door Microsoft, Telenet, SD Worx, USG People, Out of Office, Federale Overheidsdienst Sociale Zaken, Flanders Synergy en Euro Green IT Innovation Center. |
|
| Lees meer TAGS nwow | REAGEREN |
|
Gepost op 07-11-2011 door Van Gramberen Mieke |
0 | ||
Zoeken naar duurzaamheid via open innovatie en anders organiseren
Met de inzichten verzameld vanop dit werkseminarie willen we graag vanuit het brede FS-netwerk een bescheiden bijdrage leveren aan de “Factories of the future”. Enkele impressies, die op het netvlies zijn blijven kleven, wil ik nu reeds delen. Het viel me op dat een aantal grote (multinationale) industriële spelers (oa. Janssen Pharma, Siemens, Philips) zich buigt over grote maatschappelijke uitdagingen waaronder demografische ontwikkelingen, verminderen van ecologische voetafdruk enz. Men doet dit niet uit filantropische overwegingen, maar wel omdat men er “business” in ziet. En laat dat nu precies zijn wat we nodig hebben, want de uitdagingen zijn zo gigantisch groot dat ze ook dienen opgepakt door het “normaal economisch circuit”. We moeten niet alleen onze manier van consumeren, maar ook onze manier van produceren herbekijken. Liefst in systemen die sluitend zijn, onze natuurlijke (lokale) hulpbronnen respecteren en aan mensen de kans geven om zinvol en op een prettige manier te werken. Het aanpakken van de grote maatschappelijke uitdagingen vergt een nieuwe mindset van organisaties. Want de oplossingen vindt men niet alleen binnen de bedrijfsmuren, maar komen tot stand door samenwerking over de organisatiegrenzen heen. En dit is wellicht voor vele organisaties een moeilijke kaap, samen met het loslaten van het NIH syndroom (not-invented-here). Elk van deze early adopters zet volop in op open innovatie. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Want open innovatie vergt een duidelijke visie en strategie rond de toegevoegde waarde van een samenwerkingsverband. Het vergt samenwerking tussen ontwikkeling, productie, marketing, HR ea. Een samenwerking over verschillende disciplines, sectoren én met kennisinstellingen. Voor de bureaucratisch en functioneel georganiseerde organisaties vormt dit een ware uitdaging (nachtmerrie?). En ook al werkt men initieel via projectteams, op middellange termijn zal het een herdenken vragen van de bureaucratische, de functionele organisatiestructuur. Temeer daar deze bedrijven evolueren van een klassiek productiebedrijf (“het maken van pillen” “het produceren van electrische toestellen”) naar een dienstenbedrijf (“hoe kan je zorg op maat bieden”, “hoe kunnen we CO2 uitstoot in grootsteden verminderen”), die alsmaar meer customized gaan werken (oa. high mix en low volume). Dus ja, ook de interne manier van organiseren blijft niet ongeschonden. En moet worden herdacht. Maar kijk, er openen zich mooie perspectieven. Ik kan me geen sterkere aantrekkingspool inbeelden om jongeren te enthousiasmeren voor technische beroepen dan in multidisciplinaire projectteams een bijdrage te leveren aan maatschappelijke vraagstukken. Resultaat gedreven maar in een ruimte waar fouten maken mag en zelfs moet. Waar kennis wordt gedeeld. Waar actief wordt genetwerkt. Tussen droom en daad ligt nog een hele weg. De voorbeelden zijn eerder een uitzondering en (nog) geen regel. De interne organisatiestructuren van de betrokken organisaties zijn vaak nog niet aangepast. Ook op de weg van open innovatie –via projectteams- valt er nog veel te leren. Maar bovenal: heel wat industriële organisaties zijn vandaag sterk bezig met efficiëntie, productiviteit, kostenreductie, de wurggreep van de kwartaalcijfers ... En komen niet toe aan (sociale) innovatie en duurzaamheid. Om te vermijden dat de trein vertrekt zonder passagiers aan boord, zullen we tussenhaltes moeten voorzien. Door Mieke Van Gramberen. |
|||
| Lees meer TAGS VIA | REAGEREN | ||









