Vlaamse Werkbaarheidsmonitor loontrekkenden
Titel
Bourdeaud’hui & R.; Vanderhaeghe, S. (2007), Informatiedossier Vlaamse Werkbaarheidsmonitor loontrekkenden 2007. Indicatoren voor de kwaliteit van de arbeid op de Vlaamse arbeidsmarkt, evolutie 2004-2007. Brussel, SERV/STV-Innovatie & Arbeid.
Trefwoorden
Kwaliteit van de arbeid, Survey, Rapport
Inhoud
Begin 2003 heeft de SERV zich geëngageerd om een substantiële bijdrage te leveren aan de uitbouw van een Vlaamse werkbaarheidsmonitor, een meetsysteem voor de opvolging van de in het Pact van Vilvoorde gemaakte beleidsafspraken over de verbetering van de kwaliteit van de arbeid. De SERV legt met de publicatie van dit informatiedossier de resultaten van de meting 2007 op tafel en vergelijkt deze met de resultaten van de nulmeting (2004).
In samenspraak met academici en experts van de sociale partners en de Vlaamse overheid werden voor de WBM vier facetten van de kwaliteit van de arbeid als relevant weerhouden: psychische vermoeidheid (‘werkstress’), welbevinden in het werk (‘werkbetrokkenheid en motivatie’), leermogelijkheden (‘kansen op competentie-ontwikkeling’) en werk-privé-balans (‘combinatie van arbeid, gezin en sociaal leven’). Voor deze vier werkbaarheidsaspecten werden gevalideerde meetschalen geselecteerd en grenswaarden bepaald in functie van wetenschappelijk correcte én beleidsmatig hanteerbare indicatoren. In het voorjaar 2007 organiseerde de SERV / STV-Innovatie & Arbeid voor de tweede keer een grootschalige enquête bij 20.000 loontrekkenden in Vlaanderen. Met 10.646 bruikbare antwoorden ligt de respons op 53,3%, wat bijzonder hoog is voor een schriftelijke enquête. Zoals bij de eerste meting in 2004 zijn de data representatief naar geslacht, leeftijd en sector.
In vergelijking met 2004 is de werkbaarheidsgraad in 2007 gestegen van 52,3% naar 54,1%. Van alle loontrekkenden in Vlaanderen heeft 54,1% in 2007 werkbaar werk. Deze werknemers zijn niet psychisch vermoeid door hun werk, ze hebben een job die hen motiveert en voldoende leermogelijkheden biedt en hun werk-privé balans is in evenwicht. Omgekeerd betekent dit dat 45,9% van alle loontrekkenden in Vlaanderen wél met één of meerdere werkbaarheidsproblemen geconfronteerd wordt. Een meerderheid ervan (23,9%) heeft een probleem met één aspect van werkbaar werk, 14% met twee aspecten en 7,9% met drie of alle vier de aspecten van werkbaarheid. Dit is telkens een lichte vermindering tegenover 2004. De indicatoren voor de Vlaamse arbeidsmarkt leren ons dat de verbetering op het vlak van werkbaar werk vooral te danken is aan het feit dat meer werknemers (+ 2,7 procentpunt) een job hebben die voldoende leermogelijkheden biedt en dat ook voor meer werknemers (+ 1 procentpunt) de werk-privé-balans in evenwicht is. Op het vlak van psychische vermoeidheid en welbevinden in het werk is in de situatie 2007 nagenoeg dezelfde gebleven als in 2004.
Informatie
Klik hier om het rapport te downloaden via de website van STV Innovatie & Arbeid.








